Minister van ruimtelijke ordening Tiefensee wil tot 2030 minimaal dertig grote windmolenparken bouwen in de Noordzee en Oostzee. Hiervoor heeft de Bondsregering een bestemmingsplan gemaakt. In het in juni 2008 gewijzigde ‘Erneuerbare Energien Gesetz’ is de overheidsbijdrage voor offshorewindenergie verhoogd van 9 naar 15 eurocent per kilowattuur. Door het bevorderen van deze vorm van duurzame energie wil de Bondsregering bereiken, dat ongeveer 30 procent van alle energie in 2020 uit duurzame bronnen zoals wind, zon en biomassa wordt gewonnen.
De nieuwe parken zullen ver van de kust in 30 tot 40 meter diep water worden gebouwd, aangezien daar veel wind staat. Volgens de plannen van de minister zouden windturbines met een capaciteit van in totaal 25.000 megawatt in Noordzee en Oostzee moeten worden geïnstalleerd. In de Noordzee is hiervoor in het nieuwe bestemmingsplan ongeveer 880 km2 gereserveerd, in de Oostzee 130 km2.
Investeringsmaatschappij Blackstone heeft aangekondigd 1 miljard euro in het offshorewindpark ‘Meerwind’ te willen investeren. Daar wil het Berlijnse bedrijf Windland in totaal 160 windturbines plaatsen. De aankondiging van Blackstone voor het eerst in een Europees duurzame-energieproject te willen investeren werd in Duitsland positief opgevat. Volgens experts zijn investeringen in Duitse offshorewindparken ook door de veranderde wetgeving nu aantrekkelijker.